Op 1 januari 2024 telde Nederland ruim 83 duizend fysieke winkels. Dat zijn er 1,1 duizend meer dan vorig jaar, zo’n 1,3 procent. Hiermee wordt de dalende trend van het afgelopen decennium onderbroken. Het aantal elektroretailers daalde wel: winkels in wit- en bruingoed en audio- en video-opnamen verdwenen relatief het meest in 2023, maar een stuk minder sterk dan het jaar daarvoor toen beide met circa 7,5 procent afnamen. Dat meldt het CBS.

Dankzij de lichte stijging van 1,3 procent waren er aan het begin van 2024 weer bijna evenveel fysieke winkels als begin 2022. Na een dalende trend sinds 2010, was er afgelopen jaar weer een lichte stijging. Ondanks deze stijging was het aantal winkels aan het begin van dit jaar (83,2 duizend) nog niet terug op het niveau van voor de coronapandemie, in januari 2020 (ruim 84,1 duizend).
In twee derde van de gemeenten nam het aantal winkels toe en in zestien van de twintig gemeenten met de meeste inwoners groeide het aantal winkels. De grootste stijger is de gemeente Haarlemmermeer waar het aantal winkels met 7,5 procent toenam ten opzichte van een jaar eerder. In de gemeenten Apeldoorn, Eindhoven, Haarlem en Arnhem daalde het aanbod, maar was deze afname relatief klein.

Net als in voorgaande jaren is het aantal webwinkels gestegen. Er waren op 1 januari 2024 ruim 95 duizend webwinkels in Nederland.

Het volledige onderzoek is te lezen op de site van het CBS.



